Stel je voor…

Door Fronnie Biesma –

Stel je voor: een gebouw met een open uitstraling, meerdere etages, een tuin voor de deur, op een steenworp van het nieuwe asielzoekerscentrum. Iedereen is welkom. Achter de bar van het café-restaurant werken jongeren uit het azc. Je kan er je overhemden afgeven om gestreken te worden. Er is een kapper, een pedicure en een visagiste. Je kan er schaken of tric-trac spelen. Op de eerste etage is een werkplaats/atelier. Mensen werken er in de meest uiteenlopende ambachten: sjaals en tassen stempelen, tapijtknopen, zeep maken, nieuwe kleren ontwerpen van afgedankt materiaal. Daarboven is de theaterzaal, met podium, licht en geluid. Vanuit de twee studio’s klinkt muziek en gelach. Op de derde verdieping zijn flexwerkplekken en kantoorruimtes. Op het dak is een ecologische tuin. Dit is het meest trendy pand van de Houthavens. Je voelt je er thuis, zoals je je thuis kan voelen op een markt waar allerlei talen en geuren je omringen. De prijzen voor eten, drinken en optredens zijn verrassend betaalbaar. En rond het pand worden het park en de buurt schoongehouden door bewoners van het asielzoekerscentrum.

Ondertussen: op weg naar 2023
In 2023 gaat het nieuwe asielzoekerscentrum open in de gerenoveerde Houthavens. Stichting Ondertussen wil daar dan een plek creëren tussen het azc en de buurt, waar mensen kunnen leren en werken, waar ambachtelijk werk wordt gemaakt en talenten en netwerk gedeeld. De gemeente Amsterdam wil dat de bewoners van het azc in de actief kunnen zijn en dat dat wordt vormgegeven met organisaties, bewoners en ondernemingen uit de directe omgeving. Ondertussen droomt van een inspirerende werkplaats en ontmoetingsplek voor mensen die vanuit de hele wereld naar Amsterdam zijn gekomen en andere Amsterdammers.

Stichting Ondertussen – een groeiend gezelschap cultureel ondernemers, mensen die met vluchtelingen werken, kunstenaars en ontwerpers met een vluchtelingenachtergrond – begint nu al met de voorbereidingen.

Wat gewoon kan
Een buurt die erop vooruitgaat dankzij de komst van een asielzoekerscentrum. Omdat de bewoners ervan mensen zijn die talenten hebben die ze willen delen. Omdat er betrokken Amsterdammers en maatschappelijk ondernemers omheen staan die willen meedoen. Omdat gemeente Amsterdam, woningcorporaties en een groeiend aantal andere spelers enthousiast zijn. Omdat er gewerkt wordt aan een plek waar dit nieuwe denken concreet wordt gemaakt.

Ons doel is Ondertussen. Maar we hopen dat deze mentaliteit en deze werkwijze op meer plekken in Amsterdam en Nederland wordt overgenomen: des te urgenter, nu er in hoog tempo meer asielzoekers met onvermoede talenten komen en zijn. Afbeelding

Deze afbeelding heeft een leeg alt-atribuut; de bestandsnaam is houthavens1.jpg

Foto: COA

De opvang van asielzoekers kan anders

Door Fronnie Biesma, Leon Sonnenschein, Mark van Twist –

Introductie
Asielzoekerscentra lijken een vanzelfsprekend gegeven in onze ederlandse samenleving. Zo logisch als windmolens, steden, dorpen, scholen en bejaardentehuizen. Eigenlijk niet meer weg te denken. Maar bij nader inzien is dat toch een vertekend beeld. Nog niet eens zo heel lang geleden bestonden er in Nederland helemaal geen asielzoekerscentra. De opvang van vluchtelingen in asielzoekerscentra kent in feite nog maar een korte geschiedenis van ongeveer dertig jaar oud. De vraag is ook of we die asielzoekerscentra zoals we die nu kennen eigenlijk wel moeten willen, of althans zo moeten willen houden als het nu geregeld is.

De vraag dus of dit wel de meest optimale en juiste vorm is voor opvang van vluchtelingen. Is hier nu sprake van beleid en uitvoering die ten aanzien van de asielopvang het meest recht doet aan de waarden die hierbij voor een samenleving als de onze in het geding zijn.

Dat is een vraag die naar ons idee vooral niet besproken wordt, een gesprek dat vooral maatschappelijk niet gaande is, omdat alras stellingen worden betrokken en ieder in het spel van het eigen gelijk belandt.

Laten we eerlijk zijn. De asielopvang wordt geteisterd door een lelijke paradox. We willen natuurlijk niet een samenleving zijn die mensen naar een zekere dood terugstuurt en die zich onmenselijk opstelt. Het mantra van diverse kabinetten dat in de politiek nog steeds verdedigd wordt is ‘streng maar rechtvaardig’. De invulling van wat streng is en rechtvaardig is wisselt. Het uitgangspunt blijft.

Maar als uitvloeisel hiervan zijn zo in de praktijk instituten gebouwd en gebleven die vreemd zijn aan ons soort samenleving. Ze staan in Nederland, maar niet echt in gemeenten. Er wonen mensen, maar die wonen er nog niet echt.

Paradoxaal hieraan is dat het feitelijk niet echt goedkoop en ook niet echt efficiënt en effectief is, zelfs wanneer de wens zou zijn om dit ‘soort mensen’ zo snel mogelijk uit onze samenleving te verwijderen. Het systeem dat nu is ontstaan is niet alleen inhumaan omdat er rechten worden geschonden van mensen, ook kinderen. Belangrijk is ook dat die mensen uiteindelijk aan het eind van de procedure niet zelden verdwijnen uit de opvang, naar een plek op straat in Nederland of elders in Europa. De opvang zoals hij nu is, maakt vaak van mensen die mogelijke aanwinsten voor de samenleving zouden kunnen zijn, onbedoeld vooral lastpakken,slachtoffers en cliënten. Het rendement voor de samenleving is nihil.

Download hier het complete essay ‘De opvang van asielzoekers kan anders’ (pdf).

Altaar voor de bootvluchtelingen

Nosrat Mansouri maakt de laatste jaren onverstoorbaar en met veel liefde van afvalmateriaal altaren.

Voor dat en wie vergeten dreigt te worden. Wat in het geweld van deze tijd vermorzeld wordt of niet gezien. Een kunstwerk waarin dierbare voorwerpen of verhalen die achtergelaten zijn, opgenomen zijn. Deze is voor de bootvluchtelingen. De mensen die aan de grenzen van Europa verdrinken. Lampedusa. De boten zijn gemaakt van oud blik. Het altaar van de bootvluchteling is een monument van de onschuld. Het is goedkoop. zoals het leven van een bootvluchteling is. Blik is iets dagelijks, gewoons, zoals het nieuws over de bootvluchteling is geworden. Het altaar van de bootvluchteling moet ergens aan het water komen. Met de wind zullen de bootjes van blik onrustig geluid blijven maken.

Routed connections in late modern times

Door Halleh Ghorashi –

VU University Amsterdam
Bauman (2000) argues that ‘late modernity’ made the solid categories of the past fluid, leaving individuals solely responsible for their actions. This freedom has also decreased the sense of connectedness among individuals, making it difficult to deal with increasingly complex issues of our time while drawing out-weighted attention to perceived risks. This growing fear and insecurity has led to the need for new kinds of secured communities to protect individuals. These new communities are most visible when the gates excluding those considered a threat to the community are observable. In addition to visible gated or bordered forms of exclusion, we also observe the growth of less visible exclusive discursive sources of othering, which serve as invisible gates within the borders of most European nation states. The fundamental ingredient in the present exclusive source of othering is the construction of otherness through culture. The culture (including religion) of migrants is constructed as absolutely different and inferior to the culture of the natives. This, what I refer to as the ‘culturalist discourse of othering’, has become increasingly dominant in most European societies. I argue that the culturalist discourse of othering is based on a homogeneous, static, coherent, and rooted notion of culture combined with a rooted assumption of belonging (see also Stolcke 1995). In opposition to this growing culturalist discourse in Europe, we observe the increase of identity politics, emphasizing the politics of difference. In line with Iris Young (2007), I argue that any kind of identity politics which adapts the same reifying approach to culture or religion cannot offer long term unsettling opposition to the dominant discourses of inequality. What I will propose in this chapter is an unsettling politics of connection which is inspired by Young’s approach of the politics of positional difference. With this approach I argue that one of the most durable manners to unsettle normalized structures is to facilitate connections which are ‘de-normalized’ and inclusive of difference. Since the power of normalized discourses are partly constituted by their repetition in daily practice, it is the repetition of an individual’s daily inclusive choices in interactions with others which provides the most powerful subverting force against the dominant discourses of othering.

In this paper, I argue that any rooted notion of imagining identities creates boundaries of difference which give the illusion of security while strengthening the foundations of polarization. As opposed to rooted positioning I will discuss routed positioning which reconnects individuals to the city. These routed positionings are manifestations of what I earlier called the unsettling politics of connection. Before presenting my discussion on this main point, I will discuss the building blocks of my argument, beginning with the condition of late modernity and the loss of connectivity.

Download the entire essay ‘Routed connections in late modern times’ (pdf)

Parts of this chapter are based on the alternative lecture to the annual royal speech, in Dutch in 2012 >>


Berichten